Jetteke van Lexmond: ‘Ik klom als klein ukkie op een stoel en maakte enorme schilderijen’

5 augustus 2023 | Inspiratie, Interview

Jetteke van Lexmond: styliste, ondernemer, moeder, moonsister, dromer én doener. Buitenmens, wonend in  hartje Amsterdam. ‘De zus van’ die ons – in haar eentje – in onze derde editie omver blaast met haar verhalen, energie, inspiratie en liefde. Ze zette Elle Girl, Glamour en Vogue op de kaart en bracht de kracht van de maan via de Moon Calendar de wereld in. ‘Er bestaat een bepaald ritme in de natuur, een eeuwigdurende cyclus. Ook wij leven in cycli. Die kennis is lang vergeten. Maar ik geloof dat er voor ons gezorgd wordt. We mogen weer connectie maken met het ritme en ons gedragen voelen.’

We ontmoetten Jetteke op een woeste maandagochtend aan zee. Storm ‘Corrie’ raasde om ons heen en blies strandzand en zeewater in onze ogen. Spannend? Jazeker. Maar we lieten ons niet tegenhouden. Integendeel: het was precies wat we  nodig hadden, de storm gaf ons energie en we trotseerden en verwelkomden de wind, het water en de lucht als vrienden. Ze  gaven de dag een gouden randje. Laten we beginnen bij het begin: waar kom je vandaan?
‘Ik kom uit een warm gezin, vol van liefde, creativiteit en geborgenheid. Ik heb een tweelingbroer, Jits, en een zus, Lieke. We woonden buitenaf, in een klein dorpje bij Utrecht, omringd door weilanden en bos. We waren als kinderen dan ook veel buiten te vinden: slootjespringen, heksensoep maken, schaatsen, met blote voeten in de modder en met rode wangen thuiskomen. Mijn moeder had een moestuin en was altijd bezig met bloemen en planten. Zij heeft ons daarmee van jongs af aan de liefde voor het groeien en bloeien van de natuur meegegeven, de verwondering die dat met zich meebrengt. In financiële zin hadden we het niet breed; maar daar hebben wij nooit wat van gemerkt. Mijn ouders zijn creatieve en inventieve paradijsvogels en ze maakten alles zelf. Als we een bepaald kledingstuk wilden, tekenden we het uit. Mijn moeder maakte er dan een patroon van en naaide het voor ons. Mijn vader timmerde onze bedden en boom-hutten. Zij hebben ons echt geleerd het kleine te waarderen, om liefde, tijd en energie in de waardevolle momenten van het leven te stoppen. Dat zie ik als enorme rijkdom.’

Hoe was jij als kind?
‘Ik was als baby heel klein en moest na mijn geboorte een tijd in het ziekenhuis blijven. Mijn tweelingbroer was wel groot genoeg en mocht mee naar huis. Ik bleef dus alleen achter, na maanden veilig met mijn tweelingbroer in één buik te hebben gezeten. Ik heb nog steeds moeite met alleen zijn, om alleen dingen te doen. Ik weet waar dat vandaan komt, ik denk dat ik die tijd als baby toch ergens in mijn systeem heb opgeslagen. Maar ik ontwikkel dat deel in mezelf steeds beter en verder. Alleen al het feit dat ik dit interview en een covershoot alleen doe is voor mij al een overwinning. Ik was als kind ook al wel een vechtertje: ik kon met zeven maanden bijvoorbeeld al lopen. Ik wilde de wereld in, ik was zo nieuwsgierig en had een enorme wilskracht. Mijn ouders hebben ons altijd gezien voor wie we waren en ons daarin vrijgelaten. Ik mocht mezelf als jong meisje op allerlei vlakken ontwikkelen en heb dat ook gedaan. We hadden een kleine dorpsbibliotheek waar ik altijd te vinden was. Ik heb in mijn jeugd die héle bibliotheek uitgelezen: ik begon gewoon vooraan in een kast en werkte mijn weg door naar achteren. Ik las over landen, godsdiensten, dieren, geschiedenis. Stapels en stapels boeken. Ik volgde ook als jong kind al allerlei cursussen die werden aangeboden voor volwassenen. Van handwerken tot schilderen. Ik zag die ouderen dan wel naar me kijken en lachen, niet negatief bedoeld overigens, maar het kon mij een worst wezen, haha. Op negenjarige leeftijd fietste ik iedere zaterdag vijf kilometer naar een atelier, met m’n schilderskoffertje achterop, om olieverf-schilderijen te maken. Ik klom als klein ukkie op een stoel en maakte enorme schilderijen. Ik verkocht die doeken ook nog eens goed, er was gewoon een wachtlijst! Ik mocht zelf bedenken wat de prijzen waren, dus rekende ik mijn materiaalkosten uit en deed daar een klein beetje bovenop. Zo was ik altijd ondernemend bezig.’

‘Ik heb ALTIJD
PRECIES GEWETEN
WAT IK WILDE en
werkte daarnaartoe,
stap voor stap’

Op een gegeven moment ben je, samen met je broer en zus, in de kindermodellenwereld beland. Hoe kwam dat zo?
‘Ja dat is wel een mooi verhaal. Destijds lag mijn opa in het ziekenhuis en had hij in de krant een oproep gezien: lachende baby’s gevraagd. Mijn ouders hadden een prachtige foto van mijn zus, met een grote glimlach en van die babyvetjes. Mijn opa zei daarom tegen mijn moeder: “Dat zou toch leuk zijn, stuur die foto in, doe het voor mij.” Mijn moeder was er niet heel happig op, maar omdat mijn opa het zo graag wilde, deed ze het. We hoorden er destijds niets meer van. Tot zes jaar later, kort nadat mijn opa overleed. De telefoon ging en Lieke nam op. Het was het castingbureau. Ze zochten een sprankelend meisje voor een commercial en Lieke was precies diegene die ze zochten. Ik zie dat nog steeds als zo’n wonderlijke gebeurtenis. We hoorden er zes jaar niets van en vlak na zijn overlijden gebeurt dit! Enfin, het leek Lieke wel leuk. Het was in Amsterdam dus dan konden we er gelijk een dagje stad van maken. Ze deed de casting, maar daar vroegen ze of mijn broer en ik ook mee wilden doen. Het was geweldig. We deden campagnes, modeshows, reclames. Toen ik zestien werd, kreeg ik een beugel en dat was meteen een soort omslag. Mijn kindermodellentijd was over, het voelde ook niet zo ongedwongen meer omdat de centimeter ineens om de hoek kwam kijken. In die tijd was een beroep als styliste nog totaal onbekend, en als ik niet als kind in die modewereld was beland, was ik er ook niet mee in aanraking gekomen. Maar als klein kind liep ik rond op die sets, achter de schermen en was ik continu aan het kijken wat er allemaal aan die kledingrekken hing, hoe zo’n team werkte, hoe ze van een ogenschijnlijk onsamenhangend geheel prachtige dingen creëerden. Ik vond mijn roeping daar: ik wilde niets liever dan door in dat vak, maar dan áchter de camera, als stylist.’

Dat is je gelukt, en hoe. Maar: iets heel graag willen is iets anders dan het ook daadwerkelijk dóen. Hoe heb jij die top bereikt?
‘Door groot durven dromen en hard werken. Ik heb altijd precies geweten wat ik wilde en werkte daarnaartoe, stap voor stap. Ik begon als stagiaire bij weekblad Yes, en ik was zo enthousiast om op die plek te mogen leren. Binnen de kortste keren had ik zoveel gedaan binnen de redactie dat ik als eerste stagiaire ooit na drie maanden al zelfstandig een modeshoot mocht doen. Het werd een succes en het proefde voor mij alleen maar naar meer. Tijdens mijn afstudeerjaar kreeg ik de kans als fashion editor voor Yes te solliciteren. Met succes: een paar weken later zat ik in Miami. De hele zomer deed ik shoots met een compleet team. Ik heb zoveel geleerd in die tijd, we moesten origineel zijn, met budgetten omgaan, inventief zijn, produceren en gewoon dóen. Het lukte ons en we hadden er zoveel plezier in. Niet veel later werd ik gebeld door José Rozenbroek, destijds hoofdredacteur van Elle. Het tijdschrift Elle Girl kwam naar Nederland en ze vroeg of ik als fashion editor voor haar aan de slag wilde. Ik had altijd gedroomd om voor Elle te werken dus dat was voor mij een geweldige kans die ik heb gegrepen.’

Lees het hele interview met Jetteke van Lexmond in de derde editie Money money money van Manifestatie Magazine. Bestel je meer dan één editie? Dan betaal je géén verzendkosten én ontvang je stapelkorting: €12,12 p.s. voor twee en €11,11 p.s. voor drie of meer.